<?xml version="1.0" encoding="iso-8859-1"?>
<rss version="2.0" xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom">
   <channel>
      <title>Kessels &amp; Smit Inspiratieblog</title>
      <link>http://kessels-smit.com</link>
      <atom:link href="http://kessels-smit.com/nl/rss/inspiration" rel="self" type="application/rss+xml" />
      <description>Kessels &amp; Smit Inspiratieblog</description>
      <language>nl</language>
      <pubDate>Fri, 24 May 2013 17:53:50 GMT</pubDate>
      <generator>Kessels &amp; Smit CMS</generator>      
      <item>
         <title>The Qualitative Diary Method</title>
         <description><![CDATA[<p> </p>
<p><span style="font-size: large;">My good friend <a href="http://eastanglia.academia.edu/PennyPlowman" target="_self">Penny Plowman</a> has undertaken qualitative research on the use of a diary methodology  as one aspect of an integrated approach to organisational analysis and  change.  One of the beautiful things about this method is that it  enables organisational participants to articulate truths about their  organisation - truths that often otherwise remain hidden!</span></p>
<p> </p>
<p><span style="font-size: large;">Interesting themes that have arisen for  Penny in the course of her research include how diarists address issues  of 'silencing' that happens in organisations, as well as how to address  issues of inclusion and exclusion from centres of power (the 'boys'  club'), and issues of emotion and feelings at work.  An important question that arises with this type of organisational  research is whether an organisation is ready to address issues that  arise from the research.  One of the exciting opportunities that arises from this type of research  is the participative nature of the research - in that the diarists  become 'co-researchers' into the life and culture of the organisation.  You can listen to Penny's full University of Johannesburg presentation on the link here.<br /></span></p>]]></description>
         <pubDate>Thu, 23 May 2013 22:00:00 GMT</pubDate>
         
         <guid>http://kessels-smit.com/nl/the-qualitative-diary-method</guid>
      </item>      
      <item>
         <title>Zwijg in een brainstorm!</title>
         <description><![CDATA[<p>De brainstorm zoals we die allemaal kennen -iedereen rond de tafel en  lukraak ideeën roepen- daar komen blijkbaar teleurstellend weinig goede  ideeën uit. In het onderzoek van sociaal psycholoog Bernard Nijstad  wordt dit nog eens met feiten en cijfers bewezen. Want omdat we bij zo'n  brainstorm constant moeten opletten wie er aan het woord is, kunnen we  ons niet goed concentreren op het verzinnen van ideeën. En als je toch  een goed idee bedenkt, moet je wachten op je beurt. Met het risico dat  je idee weer wegzakt. Dus: de beste brainstorm is die waarbij iedereen  zijn mond houdt.</p>
<p> </p>
<p>In <a href="http://www.informationisbeautiful.net/visualizations/a-taxonomy-of-ideas/" target="_blank">bovenstaande ‘kaart'</a> probeerde David McCandles ideeën te vatten: de beste,  mooiste, ongelofelijkste, geniale ideeën liggen in de rechterbovenhoek  (functioneel en met een goede conceptuele structuur). Ook de ideeën links in het midden, net naast de kruising, mogen er  zijn. Ze zijn op zijn minst grappig, of slim bedacht. Laat ons aannemen  dat we elk idee dat we ooit hadden wel in deze kaart zouden kunnen  vatten.</p>
<p> </p>
<p>Wat je er niet in kan zien, is dat de meeste ideeën embryonaal  beginnen. Met een dom idee, een idee dat een beetje slecht is, een  halfgaar idee. Letterlijk: nog niet helemaal gaar. Het gaat denkelijk  niet over wachten tot een geniaal idee oppopt, maar om het oogsten van  al die halfbakken en interessante ‘start'-ideeën. Zodat we die als  inspiratie kunnen gebruiken en daarop verder kunnen werken.</p>
<p> </p>
<h3>Brainwriting</h3>
<p>Om dat in een brainstorm te kunnen hebben we tijd nodig, en een paar  verschillende fases. Bijvoorbeeld eerst het neerschrijven van alles wat  in je hoofd opkomt als idee. Om je in een volgende fase te laten  inspireren door de al opgeschreven ideeën, ook die van anderen, en  opnieuw ideeën te genereren. Brainwriting wordt het weleens genoemd: een  brainstorm al schrijvend, waarbij iedereen anoniem ideeën opschrijft en  verder denkt op een blaadje waar al een idee van een ander op staat.</p>
<p> </p>
<h3>Beelden</h3>
<p>Wat ik ook helpend vind bij een brainstorm zijn beelden. In het  verbinden van woorden en beelden ontstaan nieuwe mogelijkheden. Nieuwe  netwerken, nieuwe configuraties. En dat is precies wat ideeën zijn: een  nieuwe verbinding van concepten, nog niet eerder gevormd. We nemen  ideeën die we al kennen, en naaien ze aan elkaar tot een nieuwe vorm.</p>
<p> </p>
<h3>'Out of the box'</h3>
<p>De centrale vraag voor een brainstorm, in groep of alleen, is dan:  hoe krijgen we ons brein in een omgeving waarin de kans groter is dat  nieuwe verbindingen ontstaan? En daar is best wel al wat over ontdekt.  Zo blijkt bijvoorbeeld dat we beter zijn in ‘out of the box' denken als  we buiten vergaderen. Geen muren om ons heen, letterlijk, geeft ook ons  denken minder grenzen. Een andere onderzoeker toonde aan dat ideeën en  innovatie ontstaan daar waar verschillende mensen met verschillende  achtergronden en verschillende interesses samen zijn. Ligt voor de hand,  maar maken we dat ook mogelijk op het werk?</p>
<p> </p>
<h3></h3>
<h3>Rijpingstijd</h3>
<p>Daarnaast blijkt dat veel goede ideeën een lange ‘rijpingstijd' nodig  hebben. Niet plots “eureka”, maar een langzaam groeien tot het helder  is. Ik stel het mij voor als een voorgrond-achtergrond beweging. Een  interessante kwestie, een uitdagende vraag, een probleem dat je boeit,  die een hele periode op de achtergrond van je denken aanwezig is. En af  en toe weer naar voor komt, waarbij je misschien een stukje aanvult of  draait of er iets inklikt. Om dan weer op de achtergrond plaats te  nemen. Tot je het helemaal kan overzien, kan overdenken. Waardoor dat  moment voelt als een ‘eureka'-moment, een aha-erlebnis.</p>
<p> </p>
<h3>Ideeën voeden</h3>
<p>Hoe kunnen we nu die ideeën die slapend in onze organisatie zitten,  op de achtergrond van het denken van onze medewerkers, toch voeden? Twee  dingen zijn nodig volgens mij:</p>
<ol>
<li><em>Lummeltijd</em>: de tijd die niet productief is pur sang. Wat  dagdromen, even kletsen aan het koffie-apparaat, net voor of net na de  eigenlijke vergadering over iets doorbomen met je collega.</li>
<li><em>De basisregels uit het improvisatietheater</em>: elkaars idee altijd  accepteren en er op verder bouwen, durven falen, anderen met jouw ideeën  laten stralen, open vragen stellen en jezelf niet dwingen het beste  idee te hebben. </li>
</ol>
<p> </p>
<p><em>Het onderzoek van Nijstad (“How the group affects the mind:  effects of communication in Idea-Generating groups”)  komt uit '<a href="http://www.bol.com/nl/p/lees-geen-zelfhulpboek/9200000005554465/" target="_blank">333  wetenschappelijke tips voor het dagelijks leven</a>' van Rik Kuiper en Tonie  Mudde. De ‘Taxonomy of ideas' van David McCandless vind je op  <a href="http://www.informationisbeautiful.net/" target="_blank">InformationisBeautiful.net</a>. Deze blog verscheen ook op <a href="http://www.vrijdagvisiedag.com/" target="_blank">vrijdagvisiedag.com</a>.<br /></em></p>]]></description>
         <pubDate>Wed, 22 May 2013 22:00:00 GMT</pubDate>
         
         <guid>http://kessels-smit.com/nl/zwijg-in-een-brainstorm</guid>
      </item>      
      <item>
         <title>Grenzen over: van boardroom naar werkvloer en andersom</title>
         <description><![CDATA[<p>In vier organisaties zijn we op zoek gegaan naar de manieren waarop het lukt om de verbinding te maken tussen 'top en vloer' bij het tot stand brengen van innovatie. Dit onderzoek deden we met een team van onderzoekers in het kader van het <a href="http://www.corporate-education.com/5_ontmoetingen" target="_blank">FCE-programma over innovatiesymmetrie</a>. De organisaties varieerden en ook de ambities liepen uiteen. Enkele voorbeelden van de in totaal negen innovatie-initiatieven die onderdeel van het onderzoek waren:</p>
<p> </p>
<ul>
<li>Een gemeentelijke dienst die gaat over de toekennig van bouwvergunningen heeft de ambitie om dit taaie proces -dat nu soms wel twee jaar duurt- terug te brengen tot zeven maanden.</li>
<li>Een verzekeraar die graag klantgerichter wil werken zou willen dat het verwerven van 'het landelijke keurmerk klantgericht verzekeren' samengaat met het nog klantgerichter werken door de verschillende verzekeraars die onderdeel uitmaken van de grote onderneming.</li>
<li>Een gehandicaptenzorginstelling heeft de ambitie om meer digitale toepassingen te gebruiken bij het soepeler laten verlopen van de eigen werkprocessen én bij het opleiden van de leerlingen in hun school.</li>
<li>Een gemeentelijke dienst wil graag de betalingsbereidheid van hun klanten vergroten door nieuwe manieren van werken in te zetten. </li>
</ul>
<p> </p>
<h3>Verbinden van werelden</h3>
<p>Het doel was om meer te leren over manieren waarop deze innovatie-initiatieven zich bewegen door de organisatie. In de praktijk zie je vaak dat een nieuw idee of een nieuwe visie die door de top bedacht wordt, niet altijd zijn weg vindt naar de werkvloer. En dat behulpzame initiatieven die door de vakmensen op de 'vloer' genomen worden, niet altijd opgepikt worden op centraal niveau en soms zelfs tegengewerkt worden. Deze dagelijkse praktijk roept de vraag op wat nu interventies of manieren van doen zijn die werken om de grenzen tussen vloer en top over te gaan en deze werelden aan elkaar te verbinden.</p>
<p> </p>
<p>In de onderzoeksworkshops brachten we telkens verschillende betrokkenen bij zo'n innovatie-ambitie bijeen: iemand die vanuit een stuurgroep betrokken is, mensen uit een team dat (onbewust) al ver is met het realiseren van de innovatie-ambitie, een lijn- of juist stafverantwoordelijke, een pleitbezorger vanuit de directie, iemand die juist helemaal niet zo duidelijk betrokken is bij een initiatief maar wel wat heeft met de ambitie, etc.</p>
<p> </p>
<p>Met deze groep spoorden we kernscenes op uit de voorbije maanden om erachter te komen wat nu belangrijke momenten zijn geweest in het werken aan de innovatie-ambitie. Deze scenes kun je zien als korte verhaaltjes van voorvallen, situaties en acties waarbij ofwel de directie / management initiatief nam ofwel iemand vanuit de vloer. En waarbij energie ontstond of juist energie weglekte.</p>
<p> </p>
<h3>Effectieve en ineffectieve gedragingen bij het verbinden van top&amp;vloer</h3>
<p>De eerste grondige analyse van al het verzamelde materiaal gebeurt op 14 mei aanstaande tijdens de <a href="http://www.kessels-smit.com/nl/fce-workshop-over-innovatiesymmetrie" target="_self">oogstworkshop</a>. Ik neem alvast een kleine voorschot en speurde de organisatieportretten na op zoek naar wat nu 'effectieve gedragingen' lijken te zijn bij het verbinden van de verschillende werelden. Hieronder lees je wat meer over wat je ziet gebeuren op plaatsen waar het lukt de wereld 'van het management' te verbinden aan de wereld 'van de professionals dichtbij het primaire proces'.</p>
<p> </p>
<h3></h3>
<h3>Belang van 'vertalers'</h3>
<p>Het lijkt erop dat het van belang is dat er 'vertalers' zijn. Mensen die de taal spreken van de vakmensen die dichtbij het primaire proces staan en die in staat zijn hun ambitie en plannen te verbinden aan het grotere geheel zoals de directie dat ziet. Het volgende voorbeeld laat zien hoe een clustermanager deze rol invulde:</p>
<p><br />Bij een gehandicaptenzorginstelling is men op een locatie waar dagbesteding plaatsvond ook behandeling gaan aanbieden voor een specifieke doelgroep. De begeleiders merkten dat hier vraag naar was. Dit is een ongewone stap geweest (dagbesteding en behandeling zijn twee verschillende werelden met elk andere regelgeving over bijvoorbeeld financiering). In het begin kostte het veel tijd om de trainingen te ontwikkelen. En het paste nog helemaal niet op de begroting. De clustermanager dagbesteding heeft zich bij de directie hard gemaakt om de ambitie van haar medewerkers te verwoorden en akkoord te krijgen op een negatieve begroting. Toen dit lukte ("ik moest de blaren op mijn tong praten") was dat het startsein om te beginnen met het ontwikkelen van speciale behandelingen en trainingen waarvan vooraf nog niet helder was of die ook vergoed zouden worden door het zorgkantoor. Dat gaf ruimte om te investeren in de ambities die er waren om de cliënten meer te bieden.</p>
<p> </p>
<p>De rol van zo'n vertaler kan zijn om vakmensen te helpen de eigen ambitie expliciet te maken en woorden te geven. Of om de directie te helpen de eigen ambitie expliciet te maken en deze te verbinden met ambitie van de vloer. Een bekwaamheid van deze 'vertalers' is dat ze zich in beide werelden thuisvoelen en op beide plekken de taal spreken.</p>
<p> </p>
<h3></h3>
<h3>Interventies op het grensgebied</h3>
<p>We hebben ook interventies gezien die plaatsvinden op het 'grensgebied' tussen top en vloer. Hierbij is er niet één persoon aan te wijzen die de rol van 'vertaler' op zich neemt, maar gaat het om een activiteit waar beide werelden elkaar ontmoeten.</p>
<p> </p>
<p>Een voorbeeld hiervan zagen we bij een gemeentelijke dienst. Daar is de directie gekomen met het idee van een 'lab'. Doel hiervan was om mensen uit te nodigen tot nieuwe initiatieven met betrekking tot de gestelde ambitie en hierbij te zorgen voor eigenaarschap op de werkvloer. Ideeën uit de praktijk worden beoordeeld door het management en kunnen beloond worden met geld om het ook uit te voeren. Iedereen, uit alle lagen, kan hier een idee indienen.</p>
<p> </p>
<p>Bij beoordelen van de ideeën zijn de kernwaarden van deze dienst het voornaamste ankerpunt. In de praktijk stimuleert het vernieuwing. Het lijkt erop dat zo'n interventie een soort brugfunctie vervult tussen de twee werelden. Het helpt de betrokkenen met elkaar in gesprek te gaan en te zoeken naar kansrijke experimenten waarin men kan uitproberen een bepaalde ambitie gestalte te geven. Het lijkt een productieve tegenhanger van twee type momenten waarop juist vaak energie weglekt bij de vakmensen in een callcenter, achter de balie en dergelijke.</p>
<p> </p>
<p>Dit is namelijk het geval:</p>
<ol>
<li>als een aanpak of idee dat in het klein goed werkt, wel wordt opgepikt door het management maar dat dan meteen uitgerold moet worden 'over alle teams' (<a href="http://www.kessels-smit.com/nl/een-alternatief-voor-uitrollen-opschalen-en-borgen" target="_blank">zie blog ' Een alternatief voor uitrollen, opschalen en borgen'</a>); <br /></li>
<li>als iets dat in het klein en in de marge goed werkt geen ruimte krijgt van het management om het onderdeel te laten uitmaken van het reguliere werkproces. Blijkbaar dient de interventie op het grensgebied er ook voor om leer- en experimenteerruimte vast te stellen. Zodat er met toestemming -en met middelen- tijdelijk buiten de regels gewerkt kan worden. <br /></li>
</ol>
<p> </p>
<h3></h3>
<h3>Een aanstekelijke ambitie</h3>
<p>Daarnaast zagen we dat een authentieke ambitie aanstekelijk kan werken. Dit lijkt een belangrijke bron te zijn die helpt voor de verschillende werelden om elkaar te ontmoeten. Niet een ambitie die voortkomt uit een nieuwe regel, een nieuwe wet of een niet behaald resultaat. Wel een ambitie die voortkomt uit contact met klanten, toegepast vakmanschap of een bredere blik op de wereld. En liefst ook nog authentiek verwoord. Bijvoorbeeld door een bevlogen directeur die een bepaalde droom heeft of door een team die door herhaaldelijke klantvragen een andere richting in wenst te gaan. Diverse teams benadrukten dat het voor hen goed werkt als hun teamleider hen bevraagt op hún ambitie. Het zou mogelijk voor managers ook goed kunnen werken als mensen uit de teams hén deze vragen stellen. <br /><br /><em>Meer bevindingen uit het <a href="http://www.corporate-education.com/5_ontmoetingen" target="_blank">Programma over Innovatiesymmetrie</a> na 14 mei. Als je op de hoogte wilt blijven, laat dan een berichtje op deze blog achter of stuur een mail naar <a href="mailto:sverdonschot@kessels-smit.com" target="_self">sverdonschot@kessels-smit.com</a>.</em></p>
<p> </p>]]></description>
         <pubDate>Sun, 12 May 2013 22:00:00 GMT</pubDate>
         
         <guid>http://kessels-smit.com/nl/grenzen-over-van-boardroom-naar-werkvloer-en-andersom</guid>
      </item>      
      <item>
         <title>Een alternatief voor uitrollen, opschalen en borgen</title>
         <description><![CDATA[<p>Mijn collega zegt altijd: uitrollen is platwalsen. Met medewerkers van een gemeentelijke dienst raak ik hierover in gesprek. We zitten midden in de onderzoeksworkshop over de innovatiedynamiek in deze organisatie. Deze dienst begeleidt inwoners van de stad bij het vinden van werk en, als nodig, bij het ontvangen van een uitkering.</p>
<p> </p>
<p>Een belangrijke opdracht van deze dienst is het vergroten van de instroom naar werk van hun klanten zodat deze klanten helemaal geen aanspraak hoeven te maken op een uitkering. Eén van de teams had ondervonden dat het de kwaliteit van het gesprek ten goede kwam als ze de afspraak met de klant niet lieten plaatsvinden aan de balie op het gemeentekantoor maar op plekken waar de klant en de gemeentemedewerker meer gelijkwaardig zijn. Dit team zocht hun klanten op in een nabijgelegen koffiebar of in een vrijwilligerscentrum.</p>
<p> </p>
<p>Dit bleek goed te werken. Het lukte hen om mensen te spreken die ze anders niet zo gauw aan de balie treffen. Volgens de mensen aan tafel zit de werking erin dat je klanten opzoekt op plaatsen waar 'gelijkwaardig contact' mogelijk is. Terwijl we hier over doorpraten zegt één van de aanwezigen gekscherend: "Sst, zorg maar dat het management niet te weten komt van jullie slimme idee. Voor je het weet wordt het als uniforme aanpak over alle teams uitgerold". De vraag waar we op kwamen door deze opmerking was wel degelijk serieus. Want in hoeverre kun je iets dat op de ene plek, en 'in het klein' werkt, eigenlijk wel zonder meer opschalen naar een grotere aanpak?</p>
<p> </p>
<h3></h3>
<h3>Iets dat op de ene plekt werkt ook elders toepassen</h3>
<p>In één van zijn <a href="http://www.nrc.nl/carriere/2012/11/12/stop-met-uitrollen/" target="_blank">columns in NRC Handelsblad</a> pleitte Ben Tiggelaar al voor het stoppen met uitrollen. Tiggelaar stelt dat uitrollen managementjargon is "voor het zonder veel overleg doorvoeren van veranderingen die elders bedacht zijn". Uitrollen kan volgens hem heel goed als er sprake is van technische veranderingen. Maar zodra er nieuw gedrag van mensen bij komt kijken, is uitrollen een illusie.</p>
<p> </p>
<p>Een verwante vraag die ik regelmatig krijg van klanten gaat over 'borgen'. Een manager of HR-functionaris vraagt zich dan af hoe hetgeen op de ene plaats succesvol werkt, ook 'geborgd wordt' in de rest van de organisatie. We doen soms wat lacherig over managers die willen borgen of uitrollen maar het lijkt me wel de moeite waard om hier eens wat verder over door te denken. Er zijn namelijk best heel legitieme vragen te bedenken die mogelijk achter het verlangen tot uitrollen of borgen schuilgaan. Bijvoorbeeld:</p>
<ul>
<li>Hoe kan je iets dat op de ene plek werkt, vertalen naar andere plaatsen in de organisatie?</li>
<li>Hoe kunnen we een eenmalig experiment dat succesvol is geweest als nieuwe manier van doen adopteren?</li>
<li>Hoe kun je een nieuwe manier van werken die ontwikkeld is door het ene team, doorleren aan andere teams?</li>
</ul>
<p> </p>
<h3>Mogelijke interventies</h3>
<p>In de onderzoeksworkhop bij deze gemeentelijke dienst zochten we wat nieuwe invalshoeken om in te spelen op bovengenoemde vragen. Het zette me aan het denken en ik vulde de ideeën die ontstonden nog wat verder aan. Het leidde tot deze lijst met mogelijke interventies: <br /><br /><strong><em>Ruimte voor méér experimenten</em></strong><br />Zorg ervoor dat er méér plekken zijn waar experimenten kunnen starten. Wees er niet op gericht op hetgeen op de ene plek werkt op te leggen aan anderen. Maar nodig juist zoveel mogelijk mensen uit om zelf initiatief te nemen. Dit heeft twee voordelen. Ten eerste: Medewerkers kunnen zo een nieuwe aanpak ontwikkelen precies voor datgene waar zij warm voor lopen. Ten tweede: Zo ontwikkelen medewerkers eerstehands kennis. Deze bijzondere ervaringskennis kan veel vaker van pas komen. <br /><br /><strong><em>Delen van good practices op een uitnodigende manier</em></strong><br />Zorg dat je good practices opspoort en deelt binnen de organisatie maar leg het toepassen ervan niet op. Een werkende aanpak is namelijk niet beperkt tot dat wat op kleine schaal al ergens bedacht is. Leg de nadruk op het inspireren van anderen met bestaande voorbeelden. Twee voordelen hiervan zijn:</p>
<ol>
<li>Je waardeert de bedenkers van een slimme aanpak expliciet en dat werkt stimulerend voor deze groep. <br /></li>
<li>Je nodigt anderen uit de kennis die al ontwikkeld is te hergebruiken. Dit is efficient. </li>
</ol>
<p><br /><strong><em>Omgekeerde evaluatie aan de start van een nieuw project</em></strong><br />Ga een geslaagd (of mislukt) experiment of een succesvolle (of geflopte) pilot niet evalueren nadien met het oog op verdere implementatie. Keer het eens om. Nodig een nieuwe groep mensen uit om zelf een aanpak te ontwikkelen en vraag hen om een evaluatie vóóraf te doen waarbij ze mensen met ervaring in pilots en experimenten die al plaatsvonden uitnodigen. Zie voor de aanpak en voordelen van omgekeerd evalueren <a href="/nl/omgekeerd-evalueren" target="_self">deze blog</a>. <br /><em><br /><strong>Opsporen en uitbouwen waar het al werkt</strong></em><br />Doe een waarderend onderzoek om kiemen op te sporen van werkende aanpakken. Het blootleggen van deze kiemen kan helpen om ze op een organische manier te vergroten. Bijvoorbeeld door andere teams uit te nodigen kennis te nemen van de opbrengsten elders en hen te vragen hoe zij dit zouden kunnen toepassen in hun werkplek. Zo ben je bezig met het uitbouwen van datgene wat werkt zonder een uniforme aanpak na te streven. <br /><br /><strong><em>Onderzoek het effect</em></strong><br />Roep een onderzoeksbrigade in het leven en nodig hen uit op onderzoek uit te gaan. Zo kunnen ze nagaan wat precies de werking is van aanpakken die geliefd zijn. Vaak leidt een 'onderbuikgevoel' of een particuliere voorkeur ertoe dat een bepaalde aanpak succesvol gevonden wordt en er een besluit komt om het 'breed door te voeren'. Het is verstandig om enkele van deze veel toegepaste manieren van werken eens onder de loep te nemen om hun werking te begrijpen. Als de onderzoeksbrigade dit onderzoek doet vanuit nieuwsgierigheid en betrokkenheid, samen met de bedenkers en toepassers van deze interventies, kun je zicht krijgen op de werking van de interventies en deze werking mogelijk ook vergroten.</p>
<p> </p>
<p> </p>
<p><em>De onderzoeksworkshop waar in deze blog naar verwezen wordt is onderdeel van het het programma Innovatiesymmetrie dat Suzanne opstartte bij de FCE. Op 14 mei aanstaande is er <a href="/nl/fce-workshop-over-innovatiesymmetrie" target="_self">een workshop</a> waarbij je een kijkje in de keuken kunt nemen van vier organisaties en meer leert over hun de werking van innovatiedynamiek. </em></p>]]></description>
         <pubDate>Sun, 05 May 2013 22:00:00 GMT</pubDate>
         
         <guid>http://kessels-smit.com/nl/een-alternatief-voor-uitrollen-opschalen-en-borgen</guid>
      </item>      
      <item>
         <title>Omgekeerd evalueren</title>
         <description><![CDATA[<p>Vorige week tijdens een <a href="http://www.corporate-education.com/5_ontmoetingen" target="_blank">onderzoeksworkshop over innovatiesymmetrie</a> vertelden enkele aanwezigen mij dat ze bij hun organisatie, een dienst van de gemeente, vooral goed zijn in het beginnen van nieuwe dingen. Ik herkende dat onmiddellijk. Even hiervoor hadden we het gehad over hun innovatie-ambitie: de klant meer centraal stellen. Ze hadden al verschillende nieuwe aanpakken opgestart en uitgeprobeerd.</p>
<p> </p>
<h3></h3>
<h3>Talent voor het opstarten van nieuwe initiatieven</h3>
<p>Deze dienst wordt veel gebeld door mensen met vragen over hun uitkering. Om de klant beter tegemoet te komen had iemand bedacht dat het mogelijk goed zou werken om bij een negatief besluit (de klant krijgt bijvoorbeeld geen uitkering meer) telefonisch contact te leggen met de klant alvorens hem of haar één van de standaardbrieven te sturen. Dit is een voorbeeld van de vele initiatieven die deze mensen de afgelopen maanden genomen hadden. Toch waren ze ontevreden. Want neem nu zo'n idee om na te bellen bij een negatief besluit, daarvan vroegen enkelen zich af of dat wel werkt.</p>
<p> </p>
<p>Iemand verzuchtte: "Het klinkt heel logisch en nu moeten we dat allemaal gaan doen maar toch hebben we geen idee of het inderdaad werkt om het aantal bezwaren te verminderen. Misschien gaan ze bij een negatief besluit tóch wel in beroep. Dan is het bellen eigenlijk voor niks". Deze organisatie leek een talent te hebben voor het bedenken van nieuwe idee<em>ë</em>n en het uitproberen van nieuwe aanpakken maar was zo op het eerste gezicht veel minder sterk in het reflecteren op de werking van zo'n opgestart initiatief. Of, zoals één van de aanwezigen het verwoordde: "We bedenken telkens wat nieuws, maar ronden de andere dingen niet echt af. Evalueren doen we zelden".</p>
<p> </p>
<h3></h3>
<h3>Kunnen we dit talent niet gewoon inzetten voor het evalueren?!</h3>
<p>We probeerden samen wat 'omdenken' uit om op een nieuw spoor te komen. We vroegen ons af: zou deze organisatie hun talent voor het opstarten van nieuwe dingen niet kunnen inzetten bij het evalueren van lopende initiatieven? Want waarom zou je telkens pas aan het eind de werking moeten bepalen, als de energie van het nieuwe er al af is? Waarom zou dat niet kunnen meteen aan het begin?</p>
<p> </p>
<p>Hier ontstond het idee voor 'omgekeerd evalueren'. Een evaluatie aan het begin van een nieuw initiatief, waarbij je mensen kunt uitnodigen uit de organisatie met kennis over een soortgelijk initiatief maar dan bij een ander onderdeel. Of juist met kennis over een ander initiatief maar met een soortgelijk doel. Je kunt ook mensen vragen die bij een heel andere organisatie aan iets soortgelijks werkten om hun ervaring te delen. Zo evalueer je in feite andere initiatieven, alleen dan niet als verplicht nummer aan het einde van hun looptijd of pilotfase, maar juist aan het begin van een nieuw initiatief. Zodat het meteen in dienst staat van de mensen die zin hebben iets nieuws te beginnen.</p>
<p> </p>
<p>Zo'n leerbijeenkomst aan de start van een project kan de slaagkans vergroten omdat je eerdere ervaringen effectief benut. En het komt tegemoet aan de onvrede die er is dat nieuwe initiatieven vaak 'zomaar' starten, zonder eerst te leren van de ervaring die er al in huis is.</p>
<p> </p>
<h3></h3>
<h3>Een concrete vorm: peer assist</h3>
<p>Dit omgekeerd evalueren heeft overeenkomsten met wat <a href="http://www.nancydixonblog.com/" target="_blank">Nancy Dixon</a> 'learning before' noemt. Zij maakt bij projectleren onderscheid tussen 'learning before'; 'learning during' en 'learning in action'. Zij introduceerde de concrete vorm van 'peer assist' om dit leren voorafgaand aan een nieuw project vorm te geven.</p>
<p>Een peer assist is een workshop waar een team hulp en advies kan krijgen van anderen met relevante ervaring om ze te helpen hun project te plannen en op te leveren. 'Peer' betekent dat het gaat om mensen zoals jij en mensen met behulpzame ervaringskennis. Het gaat nadrukkelijk niet om managers of de experts binnen de organisatie. 'Assist' betekent helpen. Het dus een workshop bedoeld om de groep die opstart te helpen. Niet om hen te beoordelen, of hun aanpak kritisch te beschouwen. Volgens Dixon zet je een peer assist in als het gaat om complexe kennis die niet te vatten is in best practices of standaarden.</p>
<p> </p>
<h3></h3>
<h3>Kennis stroomt en... je hoeft geen rapport meer te schrijven</h3>
<p>Het idee van de omgekeerde evaluatie -een evaluatie aan het begin van een project dus- zou wellicht goed vorm kunnen krijgen door het organiseren van een peer assist workshop zoals Dixon die beschrijft. Zo'n omgekeerde evaluatie met behulp van een peer assist verschilt op enkele punten van een traditionele evaluatie:</p>
<ul>
<li>Je evalueert niet aan het eind met de mensen die net iets gedaan hebben. Maar je evalueert voor je begint met de mensen die energie hebben om iets nieuws te starten en de wens hebben hier iets goeds van te maken.</li>
<li>Je kijkt niet statisch naar 'wat werkte er wel en wat werkte er niet' in één project maar gaat op zoek naar mensen met ervaringskennis in verschillende projecten die jou kunnen helpen van jouw initiatief een succes te maken.</li>
</ul>
<p> </p>
<p>Bij een evaluatie-aan-het-begin heb je meteen de mensen bijeen die zelf een vraag hebben. Je werkt niet toe naar een evaluatierapport dat in een archief belandt, wachtend op een lezer waarvan je maar moet hopen dat die het straks goed kan toepassen. Je ontwikkelt juist praktische kennis die meteen bruikbaar is voor het nieuwe initiatief. Omdat de initiatiefnemers van het nieuwe project de evaluatie aan de start organiseren, kunnen zij er ook voor zorgen dat de ervaringskennis goed 'landt'. We weten inmiddels dat kennis pas gaat stromen op het moment dat er een vraag is, en bij dat principe sluit een omgekeerde evaluatie goed aan.</p>
<p> </p>
<p> </p>
<p><em>Suzanne Verdonschot is trekker van het programma Innovatiesymmetrie bij de FCE. Op 14 mei aanstaande is er een <a href="/nl/fce-workshop-over-innovatiesymmetrie" target="_self">workshop</a> over dit onderwerp.</em></p>
<p> </p>]]></description>
         <pubDate>Wed, 01 May 2013 22:00:00 GMT</pubDate>
         
         <guid>http://kessels-smit.com/nl/omgekeerd-evalueren</guid>
      </item>      
      <item>
         <title> Toepassen wat je leert</title>
         <description><![CDATA[<p>De voorbije drie dagen heb ik heel fijn gewerkt met een groep  coördinerende directeuren in het onderwijs. Een mooie groep om te  begeleiden, met een passie voor hun vak en het onderwijs als geheel. De  grote uitdaging op het eind van dit soort werkdagen is vaak: hoe neem ik  nu wat ik leerde mee in mijn werk? Hoe zorg je ervoor dat je  daadwerkelijk aan de slag gaat met wat je inspireerde?</p>
<p>Want hoe vaak gebeurt het niet dat we ontzettend tevreden zijn over  een vorming of workshop, maar na enkele weken of maanden merken dat het  bitter weinig verandering bracht. En dat is gewoon zonde, van de tijd,  van de goesting, van de energie die het gaf.</p>
<p> </p>
<p>Daarom raak ik er steeds meer van overtuigd dat aandacht geven aan de transfer van het geleerde naar de werkvloer een basis is in mijn vak. En daarover wil ik vandaag graag wat delen:</p>
<p> </p>
<ul>
<li>Een goed begin is het ontwerpen van een <strong>experiment</strong><span style="color: #000000;">: </span>een  moment in je job waarin je een leerinhoud of nieuwe vaardigheid zal  uittesten. Soms is het goed daarvoor een veilige situatie of vertrouwde  relatie te kiezen, zodat je een succeservaring krijgt en de stap naar  meer kleiner wordt. Met het idee: als je in beweging komt, ontstaat de  weg vanzelf. De eerste stap zetten opent de mogelijkheden.</li>
<li>Het is handig je ‘voornemen' te <strong>plakken aan iets dat je sowieso al doet</strong>. Bijvoorbeeld gekoppeld aan een overleg dat er al is, aan een handeling  die je nu ook al uitvoert, aan een ritueel dat al bestaat. Door je te  vooraf te verbeelden dat je de nieuwe handeling, de nieuwe vaardigheid,  dan uitvoert heb je zeer veel kans dat je ook werkelijk het bestaande  gedrag als signaal kan zien. Bijvoorbeeld verbonden met je eerste kop  koffie van de dag: “ik wil meer tijd besteden aan wat belangrijk is en  niet dringend”. Zodat je de computer opent en bij het opstarten al  denkt: eerst een uur in de diepte werken, en dan pas mail checken!</li>
<li>Wat helpt is dat je van jezelf echt mag oefenen, experimenteren en  doen alsof. Want al lijkt het gedrag dan nog wat onwennig, en voelt het  niet authentiek, toch is dat vaak de kortste weg naar  gedragsverandering. <strong>Fake it till you make it</strong>. Of: fake it till you become it. We hebben allemaal het meeste in ons  leven onder de knie gekregen door imitatie, door bewust nieuw gedrag in  te zetten.</li>
<li>Een <strong>hele kleine stap</strong> boetseren brengt je op weg: bedenk een eerste stap die je dichter bij  je doel brengt, die gratis is, die je morgen kan doen en die slechts 5  minuten tijd kost. Over dit zetten van hele kleine stapjes naar een doel  is het toegankelijke boekje ‘De kunst van Kaizen' een inspirerende  steun. Als je bijvoorbeeld de sfeer in je overleg wil verbeteren, breng  dan morgen chocolade mee voor bij de koffie. Of ga aan de deur staan en  sla een kort praatje met iedereen die binnenkomt. Maak het klein, zo  klein dat het je amper moeite kost. Zo omzeil je handig de weerstand die  je ‘olifant' (zie <a href="/nl/bestuur-eens-een-olifant" target="_self">deze blog</a>) vaak heeft tegen verandering.</li>
<li><strong>Elkaar wakker houden</strong> is dan het sluitstuk: een e-mailketting starten bijvoorbeeld.  Als  iedereen een experiment heeft gemaakt, of een voornemen heeft bedacht,  vraag je om daar een tijdstip aan te koppelen. Wanneer, op welke  vergadering, bij welke taak, na hoeveel weken, bij welke uitdaging? Zo  kan elke cursist één andere cursist twee mails sturen: 1 voor de  geplande uitdaging en 2 erna. De eerste mail om als herinnering te  dienen, en om een ander succes te wensen. De tweede om even te vragen  hoe het gegaan is. Zo bouw je leerondersteuning in, en kan je elkaar  desgewenst ook coachen.</li>
</ul>
<p><em><br /></em></p>
<p><em>Deze blog verscheen ook op <a href="http://www.vrijdagvisiedag.com" target="_blank">vrijdagvisiedag.com</a>.</em></p>
<p> </p>]]></description>
         <pubDate>Thu, 18 Apr 2013 22:00:00 GMT</pubDate>
         
         <guid>http://kessels-smit.com/nl/toepassen-wat-je-leert</guid>
      </item>      
      <item>
         <title>Werken aan je team in Zweden</title>
         <description><![CDATA[<p>Eén met de natuur, de wind door de bomen, het geluid van de dieren in het  bos en de krakende sneeuw of het getjilp van vogels. Collega Paul Buhrs heeft een bijzondere locatie in Jamtland Zweden waarin teams met elkaar kunnen werken. De setting maakt  het mogelijk om in een ongedwongen sfeer met elkaar in gesprek te gaan  over de essenties, belangen, twijfels en ambities.</p>
<p> </p>
<h3>Verbindingen</h3>
<p>Paul: "Midden in het bos aan een meer in een prachtige witte (winter) of groene (mei   oktober) omgeving werken we aan de verbindingen in het team. Een team die het verschil maakt door oog te hebben voor de menselijke maat."</p>
<p> </p>
<p>"We wisselen gesprekken af met actie. In de winter wandelen we naar de bevroren waterval, pakken een snowscooter of mennen een hondenslee. In de zomer wandelen we door het prachtige bos, varen, zwemmen of crossen met de mountainbike over de paden door de natuur. Of voor de nieuwsgierigen onder ons is het zelfs mogelijk om met een gids beren te spotten. s'Avonds in de houtgestookte hot tub, om het kampvuur of de open haard gaan de gesprekken verder. Een bijzondere en memorabele ervaring die je samen meemaakt en verbindend werkt."</p>
<p> </p>
<h3>Eerste reacties</h3>
<p>Begin april is een eerste (management)team van start gegaan met 'het werken aan je team in Jamtland Zweden'. Via <a href="/files/Flyer_Zweden_april2013.pdf" target="_blank">deze link</a> kun je het programma voor deze dagen downloaden.</p>
<p><br />Deze eerste ervaring was intensief en betekenisvol. Enkele quotes:</p>
<ul>
<li>'<em>Deze setting heeft het mogelijk gemaakt om verdiepende gesprekken te voeren en elkaar beter te leren kennen</em>'. <br /></li>
<li>Als reactie op de persoonlijke verhalen: '<em>ik snap nu veel beter waarom bepaalde dingen zo belangrijk voor je zijn en waarom je soms allergisch reageert op bepaalde gebeurtenissen</em>'.</li>
<li>Op de samenwerking: '<em>ik denk dat we een modus hebben bedacht hoe we onze verschillen kunnen laten werken</em>'.</li>
<li>'<em>Het is zo prettig om zonder tijdsdruk stil te staan bij waar het nu over moet gaan, ik heb echt de rust ervaren</em>' <br /></li>
<li>'<em>De afwisseling met actie en doen werkt bijzonder prettig, de dagen zijn omgevlogen</em>'</li>
</ul>
<p> </p>
<h3>Meer weten?</h3>
<p>Voor meer informatie kan je contact opnemen met Paul Buhrs: <a href="mailto:pbuhrs@kessels-smit.com" target="_self">pbuhrs@kessels-smit.com</a>.</p>
<p> </p>
<p> </p>]]></description>
         <pubDate>Wed, 17 Apr 2013 22:00:00 GMT</pubDate>
         
         <guid>http://kessels-smit.com/nl/werken-aan-je-team-in-zweden</guid>
      </item>      
      <item>
         <title>Nieuwe artikelen over waarderend perspectief en talent</title>
         <description><![CDATA[<p>De afgelopen paar jaar zien we een verschuiving in de manier waarop we   kijken naar de ontwikkeling van individuen en organisaties. Waar we   gewend waren om ontwikkeling vooral vorm te geven rond dat wat er nog   niet is, hoor je steeds vaker   dat het net zo belangrijk is om te kijken naar wat al wel lukt. Waar   krachten, successen, talenten en kiemen liggen en daar op voort te   bouwen.</p>
<p> </p>
<p>Collega <a href="/ninatimmermans" target="_self">Nina Timmermans</a> schreef samen met <a href="http://eefje.cc/" target="_blank">Eefje Teeuwisse</a> en <a href="http://www.linkedin.com/pub/carmien-brys/37/587/bb5" target="_blank">Carmien Brys</a> voor <a href="http://www.talentcollege.nl/" target="_blank">het Talent College</a> twee artikelen over (de basis van) deze ontwikkelingen:</p>
<p> </p>
<h3></h3>
<h3>De basis van het waarderend perspectief</h3>
<p>Het kijken naar waar   krachten, successen, talenten en kiemen liggen en daar op voort te   bouwen, noemen we samengevat het waarderend perspectief. In <a href="/files/2013_Teeuwisse_Timmermans_-_De_basis_van_het_waarderend_perspectief.pdf" target="_self">dit  artikel</a> wordt de basis van het waarderend perspectief toegelicht en  wordt verkend hoe het een krachtige bijdrage kan leveren aan leer- en  ontwikkelprocessen.</p>
<p> </p>
<h3>De basis van talentontwikkeling</h3>
<p>Waar lange tijd iedere organisatie investeerde in  een competentiehandboek en bijbehorend functieprofiel, zijn we  overgestapt op talentmanagers en talentprofielen. Waar komt deze  beweging vandaan? Wat is een talent eigenlijk? En hoe helpt het  talent-denken om anders naar jezelf, je omgeving en je werkprocessen te  kijken? In <a href="/files/2013_Timmermans_Brys_Teeuwisse_-_De_basis_van_talentontwikkeling.pdf" target="_blank">dit artikel</a> wordt de basis van talentontwikkeling verkend.</p>
<p> </p>
<p> </p>]]></description>
         <pubDate>Mon, 08 Apr 2013 22:00:00 GMT</pubDate>
         
         <guid>http://kessels-smit.com/nl/nieuwe-artikelen-over-waarderend-perspectief-en-talent</guid>
      </item>
   </channel>
</rss>